Eat This! biedt ondernemende boer richting

De eerste Eat This! – een initiatief van samenwerkende Peelgemeenten en FoodUp! Brabant - trok donderdag ruim honderd belangstellenden. In een tjokvolle Natuurpoort (Deurne) zaten boeren die richting zoeken in een Brabantse agrowereld waar decennialange vanzelfsprekendheden gestaag vergruizen.

“Vijf jaar geleden waren er 20-30 man komen opdagen. Dat het er nu zoveel zijn, geeft alleen maar aan hoe sterk de toekomstvraag speelt”, aldus een van de aanwezigen. De organisatoren waren positief verrast over de opkomst. “Toen we enkele maanden geleden met de voorbereidingen begonnen vermoedden we wel dat we iets te pakken konden krijgen. Maar dan is het nog altijd afwachten of we de juiste snaar raken”, lichten beleidsontwikkelaars Wendela de Ridder (Deurne) en Jori Meulendijks (Asten) toe.

Volle bak in Deurne. Foto: Rob Frissen.

Beiden maken dagelijks de hoge nood onder boeren mee. Markt, milieu, omgeving, het lijken allemaal factoren die eerder tegen in plaats van voor ze werken. Binnen die werkelijkheid zoeken boeren naar perspectief, aanknopingspunten die hen vooruit helpen. Of zoals een Lieshoutse varkens- en melkveehoudster stelt: “We kunnen ons wel de hele tijd verzetten, maar dat helpt ons niet. Ieder hier zoekt zijn weg, en allemaal zoeken we een weg die ons het beste past.”

Omgeving moet enthousiast worden

Om daarvoor handvatten aan te reiken gaf Eat This! een podium aan zes ondernemers die het roer hebben omgegooid of bewust nieuwe markten proberen aan te boren. Stuk voor stuk interessante bijdragen, die niet alleen inspireerden maar menigeen ook aan het denken zetten.

Want of nu Olivier Wegloop (mede-oprichter Kipster), Hans Verhoeven (Keten Duurzaam Varkensvlees/KDV), Kees Aarts (Protix – insecten) of Ben Bruurs (Den Elshorst – weidevarkens) sprak, de boodschap was dat de omslag naar andere, meer duurzame bedrijfsvoeringen en markten niet vanzelf gaat.

“Alleen kun je niets. Zelfs al kijk je goed naar de markt, dan nog zal enkel die blik de individuele boer niet helpen.”

Zo’n omschakeling vraagt ondernemerschap, vakmanschap, doorzettingsvermogen en een goed oog voor de wereld om je heen. Want je mag dan zelf vinden dat je een goed product hebt, als de zakelijke markt, de consument, de politiek of je eigen dorp daar anders over denken, dan heb je toch een probleem.

Ben Bruurs vat die brede blik samen onder de noemer ‘een goed plan’, ofwel een idee dat goed valt bij de omgeving. “En die omgeving is een stuk breder dan je naaste buur.” Bruurs typeert het als de hele context waarin je je beweegt. Ze omvat alle maatschappelijke en politieke issues die er spelen, zaken die een boer al snel als gedoe afdoet.

Werkplezier en samenwerking

Laat je bij zo’n plan niet enkel leiden door ‘zoveel mogelijk verdienen’, adviseert Olivier Wegloop. Een van de punten die Kipster potentiële partner-pluimveehouders wil bieden is werkplezier, volgens hem misschien wel de belangrijkste drijfveer in je arbeidzame leven. Beschik je daarnaast over het vermogen om vernieuwend of zelfs innovatief te zijn en continuïteit te creëren, dan zijn de basisingrediënten voor goed ondernemerschap aanwezig.

Foto: Rob Frissen

Hans Verhoeven (KDV) en Ad Kemps (bij Coppens Diervoeding verantwoordelijk voor innovaties) voegen daar het vermogen tot samenwerken aan toe, zeker als je jouw afzet in gangbare ketens zoekt. “Alleen kun je niets”, stelt Verhoeven. “Zelfs al kijk je goed naar de markt, dan nog is het zo dat enkel die blik de individuele boer niet zal helpen.”

“Zeker, allemaal mooie verhalen, maar hoe ga ik en al die andere boeren hier de volgende stap zetten? Dat valt nog niet mee.”

Voor samenwerken is vertrouwen nodig. Of misschien wel commitment, zoals Kemps specificeert. Langdurige wederzijdse betrokkenheid is nodig om merkwaarde te bouwen. En daarvan zul je het moeten hebben wil je je als boer(en) verderop in de keten – met uiteindelijk retail en consument – onderscheiden van het gangbare aanbod. “Die retailer heeft kennis van de markt; maak daar gebruik van.”

Van theorie naar praktijk

De aanwezige boeren prijzen na afloop vooral de ruimte die de sprekers in het programma kregen. “Geen bobo’s, maar ondernemers aan het woord. Dat zijn verhalen die mij aanspreken en waarmee ik wat kan”, stelt een Gerwense varkenshouder. Een Astense collega voorziet deze woorden van enig nuance: “Zeker, allemaal mooie verhalen, maar hoe ga ik en al die andere boeren hier de volgende stap zetten? Dat valt nog niet mee.”

Die laatste opmerking neemt Eat This! zich ter harte. Over enkele weken krijgen geïnteresseerde boeren een uitnodiging voor een rondleiding bij een van de sprekers. Op die manier ervaren ze de praktijk achter de verhalen die ze hebben gehoord. Vervolgens wordt bekeken of en hoe individuele boeren ondersteuning bij hun omschakeling kunnen krijgen.

Foto: Rob Frissen.

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *